28 december 2014

Omtrekkende bewegingen

Een gesprek met een dierbare vriendin. Je stottert en stamelt, verlegen. Je wist dat je het aan iemand moest vragen, om je over een drempel te helpen. Je wachtte al te lang, misschien, of ook niet. De dingen komen wanneer ze moeten komen, het is niet anders. Weinigen zouden het begrijpen, het geeft niet. Niet meer.

Het moeilijkste stukje om te vertellen. En je had het je voorgenomen, om niet te wenen. Het is goed dat het anders uitdraait.

Het verhaal van het ijs. En hoe die woorden terugkwamen. En andere verhalen. Over de liefde.

Tussendoor denk je aan voornemens. Of inzichten die zich geruisloos aandienen. En de tijd zullen vragen die nodig is.

Sommige woorden wegen. Ze zijn moeilijk om uit te spreken. Ze horen bij je. En misschien hoeft dat niet meer.

En iemand zei het je. Je hoeft het je niet meer af te vragen. Het mag. Zou dat zo zijn?

En soms zie je ze, de dingen die je zult achterlaten. Voor ze je opeten.

Ze zeggen het je. Zij die je zien.

Tussendoor denk je aan een vader, en een grootvader. Je lijkt op hen.

Ooit heeft de vlucht zich in je genesteld.

Door de stad fietsen. De natte sneeuw komt door je handschoenen. En je glimlacht. Het was alsof je aan de andere kant van je huid wou zijn, en daar ben je nu. Terug een beetje thuis.

Misschien is alles er al.

Iets verandert. Je zei het een tijdje geleden aan iemand. Je kon het niet uitleggen.

En ook tussendoor. Dat je niet goed bent in teleurstelling. Het doet je steeds meer verdriet dan je zou willen. Anderen, van wie je hoopte dat. En toch denken dat jij het zelf. Soms moet dat niet meer. Misschien.

Over een drempel dus. Het lijkt ineens binnen handbereik, dat wat je wilde. Dat wat je ook beangstigde. Je weet dat het goed zal zijn voor jou. En plots zou het zomaar kunnen.

En later, weer, bij een partita, tranen. Warme.

Je kijkt hen aan, in je hoofd. Zij zijn jouw landschap. Zij zijn de plek waarin je thuiskwam. Het is goed om dicht bij hen te zijn. Het zou kunnen dat ze niet meer weggaan.

Iemand zei het je. Het mag.

De avond legt zich langzaam neer. Je zoekt de woorden. Ze vatten niet wat er beweegt, ze raken het aan.

Een gesprek met een andere dierbare vriendin. Het verhaal is traag en behoedzaam. Net als het kaarslicht. En daar, aan de andere kant van het raam, is het koud.

Er is een tijd voor alles. Ook voor een feest.

1 opmerking:

dka zei

Ik wens je een goede gezondheid, Jan, in 2015. (En ook daarna.)

Voor de rest
moet jezelf zorgen ...

Uvi