27 november 2011

De cirkel sluiten

Hoe je nooit genoeg zult krijgen van die partita’s. Ze verwelkomen je telkens weer, alsof het voor het eerst is. Ze weten iets, ze hebben iets bereikt.

’s Nachts een beetje onrustig heen en weer draaien. De recepten bewegen door je hoofd. Je rekent nog eens na wanneer je zou moeten beginnen om wanneer alles klaar te hebben. Waarschijnlijk zal je ook dit keer weer te vroeg klaar zijn. En toch, je weet maar nooit.

Het zou kunnen dat de verhalen zich neerleggen in je lichaam, na genoeg leven. Weg gaan ze niet, dat hoeft ook niet, ze gaan enkel liggen.

Het jongetje staat buiten afscheid te nemen van zijn papa. Ze staan er allebei verlegen en onwennig bij, kijken naar de grond.

De ingrediënten staan klaar. Er lijkt een fout in het recept te staan. Denk je. Je leest alles nog eens opnieuw. En net dan komt de zon tussen de wolken door. Ze vult ineens de kamer. Even denk je aan iemand aan wie je dit zou willen laten zien. Het licht.

Je hoort mooie woorden. Ze ontroeren je meer dan je toegeeft. Het is alsof je nooit een plaats hebt gehad voor die woorden. En nu zijn ze er zomaar.

Je hoort nog hoe hij vertelde. Over hoe het was. Lang voor jij geboren werd. En nu zie je hem weer op de foto staan. Met zijn leren jas en zijn helm. In die tijd. Ergens tussen twee oorlogen. De kast in je huis die hij maakte, moet toen al bestaan hebben. De kast kun je nog aanraken. En zo kan iets niet meer verloren gaan.

Je merkt ineens dat je hardop zit te lachen terwijl je naar de film kijkt. Je kijkt even om je heen. Er is niemand. Het mag.

De oven doet zijn werk. Je weet nooit waar je uit zult komen. Je gaat af en toe even kijken, hoe de warmte doet wat moet gebeuren. Het blijft een klein wonder.

Hoe hij het kind in haar armen zou hebben gelegd. Hoe hij zou geweten hebben dat de cirkel gesloten was, op dat moment. Hoe niets hem nog zou kunnen overkomen, na dat moment. En alles wat niet gezegd kan worden.

Iemand zegt iets en je weet ineens niet meer hoe oud je nu eigenlijk was. Misschien dacht je niet meer na bij het verhaal en doet iets je ineens even wankelen.

Hoe je die avond een lange rit met de trein nodig had eer je thuis zou zijn. Bijna aan de zee, daar was je geweest. Er werd aangekondigd dat de trein iets trager zou rijden. De woorden die je had gezegd, en de woorden die je had willen, daar aan die tafel, ze bleven door je hoofd gaan. En als de reis lang genoeg duurt, gaan de woorden langzaam liggen, tot het bijna stil wordt. Een beetje toch.

Alles wat je wilde maken, heb je gemaakt. De tweede schotel staat nu in de oven. De andere dingen staan klaar. De tafel is gedekt. Je bent te vroeg, zoals altijd. Je staat nog even tegen het aanrecht, zoals hij dat ook altijd deed vroeger. Dit kleine niemandsland in de tijd.

De verhalen hebben je verlegen gemaakt. Sommige tranen zijn zichtbaar, denk je. Het is niet erg. Je hebt iets gegeven, en veel gekregen.

De partita’s laten zich niet verstoren. Ze lijken sereen, in vrede met zichzelf. Vol ingehouden verlangen.

2 opmerkingen:

Uvi zei

.
Lang ben ik hier weggebleven.
Misschien moet ik toch maar weer de weg vinden.

Naar een woord als 'aanrecht'.
Dat ik deze week nog uitsprak.
Het struikelt bijna over je lippen.

Geschreven en gesproken. Het is een verschil.
Papier laat meer oud heimwee toe.

Dag Jan.

Jan Mertens zei

Dankjewel Uvi voor je reactie. Het aanrecht heeft hier betrekking op mijn grootvader. Hij stond altijd zo in de keuken bij mijn ouders, als hij de aardappelen had geschild. En als ik bezoek krijg om te komen eten, dan sta ik daar ook altijd zoals hij daar stond, die laatste tien minuten of zo net voor de mensen binnenkomen.