05 juli 2014

IJsje

Het lijkt stil op straat. Het regent.

Alsof je zo naar dit moment verlangde. Alleen zijn met de woorden. En de beelden. De dagen schuiven langzaam weer door  je heen.

Het lichaam wordt trager. Raar, hoe je het in dat lichaam voelt: ik wil geen vergaderingen, ik wil nog wel werken, ik wil graag afspraken maken voor de vakantie, ik wil heel graag die en die zien en praten over alles, maar ik wil geen vergaderingen.

Die reeks op tv die je ’s avonds zat te bekijken. Die actrice, ze blijft door je hoofd spoken.

Het lichaam wordt trager. Het lichaam denkt: laat me alleen, als ik zit te werken, kom me niets vragen, kom me vooral niets zeggen over dingen die ik nog moet doen later, laat me alleen werken, dit lijstje afmaken, meer niet.

Uit het raam op de zevende verdieping zie je de mensen zitten, daar beneden in het park. En dat trosje kinderen, ze lopen heen en weer, ze dollen met elkaar. Even lijkt het alsof alles goed is, alsof alles nog kan.

Je staat bij de deur, een beetje zenuwachtig. Even lijk je groot en oud. En dat lange grijze haar. En later ook een beetje verlegen. Zou je dat durven vertellen, van die tekeningen bij dat kinderboek dat je ooit nog zou kunnen schrijven? Het wordt een mooi gesprek.

Elke ochtend het gepruts om die plakband rond dat kompres aan je teen te krijgen. Telkens bijna de slappe lach krijgen. En zoals insiders weten: netjes inpakken was nooit je sterkste kant. Wel met karakter natuurlijk.

Soms verlang je. Je zou veel lange verhalen willen vertellen, veel lange brieven willen schrijven. Om zo enkel het ritme van de woorden te worden.

Je zit op de bank aan het plein. Het eerste ijsje van het seizoen. En verhalen. En je denkt: ik zit hier lekker zo, het is goed. Je denkt niet: ik zit hier weer te verbranden door de zon. (Dat niet denken helpt wel niet tegen het verbranden, maar het geeft niet.)

Dierbare mensen beginnen stilaan te vertrekken op vakantie. Het zal je altijd een beetje zenuwachtig maken. Ze moeten wel terugkomen natuurlijk… (Zou je dat ook nog speciaal moeten zeggen, dat ze terug moeten komen?)

Je doet toch je best om snel te fietsen. Is natuurlijk moeilijk met dat nog lange haar. Veel meer luchtweerstand, of zoiets. Straks zul je door de avond glijden als door zachte boter, met dat korte haar, vanzelfsprekend.

Ze laat je de groentetuin zien. Zoals ze dat al zo vaak deed. En je zou willen zeggen: weet je wel hoe gelukkig je me maakt door dit te doen? Je zou het niet kunnen uitleggen.

Helemaal alleen op het werk. Zowat een hele verdieping voor jou alleen, zo lijkt het wel. En de mensen daarbuiten natuurlijk. Je ziet de vliegtuigen opstijgen, daar in de nabije verte. Je kijkt naar de wolken. Je had je voorgenomen dat hele artikel in één dag te schrijven. Het lukt net, en je haalt die wat vroegere trein nog net.

Dierbare mensen. Het is alsof je hun nog dringend veel zou moeten vertellen.

Tegen het dessert is er een plaatsje vrij in de tuin van het restaurant. Als je hier komt eten, wil je altijd de chocoladetaart proeven. Dit keer chocoladekaastaart. Er zijn veel mensen in de tuin. Het maakt je onrustig. Het gesprek loopt nog lang door, de rest van de avond, op een plein, onder de parasol, net niet in de regen die soms je rug raakt. De mevrouwen aan de tafel naast je zijn op stap voor een girls night. Die ene zegt dat als het te hard zou regenen je dan op haar schoot mag komen zitten. Je tafelgenote merkt terecht op dat het beter omgekeerd zou zijn. De regen blijft ver genoeg weg. Het mooie gesprek ontroert je.

Het lichaam wordt trager. Het lichaam denkt: mooie gesprekken met mooie mensen, dat is goed.

En tussendoor denk je aan de kinderen. Misschien moet je het hun zeggen, van die tekeningen.

Je kijkt uit naar een lege dag. De dingen traag doen. De woorden traag betasten. En denken aan dierbare mensen.

2 opmerkingen:

Uvi zei

"De woorden traag betasten."


Maar heb je al aan het weerloze wit gedacht, Jan,
dat zich door woorden moet laten betasten.

Gewenst of niet.

Mooie trage zondag nog.

Jan Mertens zei

Het weergaloze wit... mooie gedachte. Dankjewel Uvi