08 mei 2007

Goed genoeg


Een tijdje geleden had ik een mooi gesprek met een oudere man. Over onrust. Hoe je gedreven wordt door een ideaal. En hoe zeer je soms zou willen dat de dingen veranderen, of alleszins zouden lopen zoals jij het wilt of droomt. Soms wil je het zo hard, dat het pijn doet.

Ik zei dat er van de laten we zeggen 10 factoren die bepalen of dat zal lukken, er misschien maar 2 zijn die we zelf in de hand hebben. Als we tegenover die twee oprecht doen wat we kunnen, dan is het goed. Ook als het resultaat anders is dan we hadden gehoopt.

Hij dankte me voor die gedachte. Het ontroerde me heel erg, en maakte me verlegen.

Het gesprek bleef sinds die dag in mijn hoofd bewegen. Soms zeg je iets tegen jezelf wanneer je iets tegen iemand anders zegt. Door het zeggen van enkele woorden lijken die ook zo te zijn. Ze lijken soms een beetje verworven. De woorden zouden zich rustig moeten nestelen over je huid en in je hoofd, en zorgen voor iets van rust.

Ik meende wel wat ik zei. Al is het een moeilijke gedachte. Ervoor kiezen om actief te zijn in de wereld, is ervoor kiezen je te laten raken door diezelfde wereld. Hoe je daarmee omgaat, zonder cynisch of leeg te worden, is geen eenvoudige vraag. Ze houdt me al een eeuwigheid bezig.

Welke woorden gebruik je om over dit soort dingen te praten of te denken? Zoveel woorden zijn besmet, of maken je belangrijker dan je bent. Misschien ben je niet meer dan een hoopje samengebalde energie, bijeengehouden door een lichaam, die komt van en weer terugkeert naar de grote zee van energie. Maar wat je doet, is niet eender. Ook al ben je maar een zandkorrel, proberen het goede te doen, is beter dan dat niet te doen. Die woorden klinken niet goed, maar het is iets in die aard. Maar hoe ga je om met het verdriet over wat niet goed is, met de verontwaardiging over wat niet rechtvaardig is? Welke houding neem je in tegenover verlies en vernietiging? Wat als je voelt dat de dingen veel groter zijn dan jouw handen kunnen buigen?

Het is moeilijk te leren aanvaarden dat wat je doet voor een stuk losstaat van het resultaat dat je daarmee bereikt. Het gaat ook en soms meer over hoe je de dingen doet. Hoe je met je voeten op of in de grond staat. Over die gedachte heb ik een half leven gedaan denk ik soms. Ik herinner me een gedicht dat ik schreef toen ik een jaar of twintig was, en daarin kwam ineens de zin: de aarde voelt je verzet wel. Waar die zin toen vandaan kwam, begreep ik niet. Nu zijn er soms momenten dat ik begin te verstaan waar die zin over gaat.

Wat je doet, is nooit onbelangrijk. En dat je het doet, is soms genoeg. Er zijn evenwel momenten dat dat gevoel erg ver weg is. Dan is er alleen onrust, en een drang naar doen, naar snel doen. Je loopt harder, maar ook de rivier in je buik lijkt verder weg.

Soms vraag je je af waarom je in de wind zou gaan staan. Zoveel vragen die te moeilijk zijn om uit te spreken. Het heeft iets te maken met leven in waarheid, soms is het niet anders dan zo te zeggen. Het heeft iets te maken met de rivier, en met de kinderen.

Mensen die met heel kleine gebaren ingaan tegen de dingen die niet goed zijn, ontroeren me vaak het meest. Groot wanneer het moment dat vraagt, maar klein wanneer het kan. Niet meer spreken dan nodig, maar niet zwijgen als er iets gezegd moet worden. Je ziet iets in hun ogen. Iets van een vrede in wat beweegt.

Misschien kom je zo dichter bij een trage dans waarin de bewegingen van je handen helemaal samenvallen met de beweging van de rivier. Hoe mooi zou dat zijn.

Verlangen en loslaten zijn met elkaar verbonden. Ze maken de dag nadien meer draaglijk. En je hoeft niet meer te weten hoeveel dagen er nog komen.

Woorden vol aarzeling, en omtrekkende bewegingen. Goed genoeg voor nu. Morgen is een andere dag.

Geen opmerkingen: