06 mei 2016

Nachthapering

Een koele ochtend. Het twijfelgevoel van vroeger, toen je nog een kind was. Wat moet ik aandoen vandaag?

Je staat opleiding te geven. In je lijf is er nog enige onrust. Je verlaagt je stem, probeert te verdwijnen in je adem. De dingen worden trager. En beter.

Die middag in het postkantoor. Een belangrijk pakje. Zal het zeker morgen aankomen mevrouw, het is belangrijk? Ja, dat zou moeten.

Je werkt thuis verder. Het is nog fris in huis. Maar de verwarming zal niet meer aangaan.

Een belangwekkend document in het Duits. Het is er nog, het Duits, je kunt er naartoe gaan.

Ze belt aan, je doet analoog open. Je neus is koud, zo blijkt. Dat kan overgaan.

Ze vertrekt. Het ruikt naar gras, zegt ze.

Een belangrijke vergadering. Je wilt afdwalen, ongemerkt. Via woorden door de lucht.

Het is goed, denk je later, terwijl je de kamer weer opruimt.

Die nacht lukt het niet. Elektriciteit in je lijf.

Een koele ochtend. Wat zou je aan moeten doen?

Een belangrijke dag, je bent ook ergens anders.

De betere namiddagdip. Het is alsof je hele lijf in een kreuk zit.

De onderhandelingen met je buik, zoals steeds, voor je naar het concert vertrekt.

Er is iets in de manier waarop de fadozangeres beweegt op het podium. Dat samen met die ritmes. Tintels over je rug en naar je hoofd. Dankbaar.

De mevrouw links van je komt steeds dichterbij zitten.

Poging een beetje nacht in te halen.

Een koele ochtend.

Het tweede deel van de opleiding die je moet geven. Een grote groep. Ze komen wat aarzelend op gang, maar verrassen je daarna volop.

Daarna in de metro. Je bekijkt de mensen een voor een. Zoveel mooie koppen. In alle kleuren. Hier is de wereld, denk je.

Op de lange trap weer naar boven denk je aan de viool, en dat stuk van de partita.

Je probeert de dingen af te werken.

Je hebt nog een hoop leeswerk te doen, als voorbereiding op de avondvergadering. Je hebt het blijkbaar ergens geleerd. De kunst van het diagonaal lezen. Er is ook altijd een lichte vrees, dat je niet goed genoeg voorbereid zult zijn. Je krijgt een beetje diagonaalleeshoofdpijn.

Na de vergadering is het alsof je een beetje scheel kijkt, alsof je net voorbij je huid bent gegaan.

Een al iets minder koele ochtend.

Je was van plan ‘een beetje’ te werken. Je ziet iets dat je handen doet trillen, of zoiets.

Na de middag mag je gewoon wat lezen van jezelf. Het boek is bijna uit. Waarom weet je niet, maar je wilt het snel lezen.

Een stukje over het boek. Je denkt: mag ik niet gewoon zeggen dat ik het een goed boek vond? Nee, dat mag natuurlijk niet.

Nadien val je terug in het gevoel van ontheemd zijn dat al de hele dag sluimert.

Je wilt iets doen dat de dag goed zou maken. Iets als het warme leven aanraken. Een klein ritueel. Woorden door de lucht, dus. Zomaar. Terwijl de zon er nog is. Net op het moment dat je bericht verstuurd is, springen buiten de lichten aan. Dit was het moment.

Halverwege de nacht val je uit de slaap. Een uitgestelde diepe scheur, dwars door je huid. Je moet wachten. Tot je misschien weer een beetje de slaap kunt aanraken, meer zit er niet in.

Vroeg eruit, voor de markt, en de vuilniszak. De ochtend is niet meer zo koel als eerder.

Je had een mooie boodschappenronde voorzien. Op je brugdag. Blijkt dat sommige winkels van je ronde een brugdag nemen. Onaanvaardbaar natuurlijk.

Het aanschaffen van een nieuw apparaat. Een scheersysteem, zo heet het. Zo’n ding met scheermesjes dus. Bleek dat je oude scheersysteem – raar, dat je niet zou geweten hebben hoe je dat ding moest noemen, zeker niet systeem – officieel oud was. Scheermesjes niet meer verkrijgbaar. Hoezo? Het was nog maar ruim 25 jaar oud? Je kreeg het van je toenmalige geliefde. Je stapt dus ineens over naar het allernieuwste model van hetzelfde merk, zo kun je zeker nog 25 jaar verder. Als je de reclame mag geloven zal het vanaf nu, qua scheren dan toch, zodanig vanzelf gaan dat het systeem tot een genot zal leiden. Het genot, dat genot, is voorzien voor de maandagochtend. (Sommige mooie mensen zouden zeggen dat je leven iets te strak georganiseerd is. Ze dwalen, vanzelfsprekend.)

Een koffietje met dierbare vrienden. Je hoed gaat rond. De afspraak is dat jullie volgende week alle drie met een hoed op een terrasje zullen zitten.

Nog een beetje werken, en dan mag je aan een vers boek beginnen. Oef.

Geen opmerkingen: